‘Internationale allure in je eigen achtertuin.’
‘Met Henk heeft de mime er een fan voor het leven bij.’
‘De samenleving winnen voor kunst gaat stukje bij beetje.’
‘Aan de inhoud ligt het niet. De presentatie en context, die kunnen menselijker.’
‘Ze passen hun werk niet aan, maar maken het werkproces transparant.’
‘Dat was rete-abstracte dans, maar ze vonden het allemaal mooi.’
‘In het beste geval veranderen toeschouwers in believers.’
‘De podiumkunst in Amsterdam is nergens zonder de afzetmarkt die de rest van het land vormt.’
‘Wat is de rol van de programmeur temidden van smaakmakende gemeenschappen?’
‘Vergeleken met andere delen van de wereld is er in Nederland een grote afstand tussen het dagelijks leven en muziek.’
‘In de jaren tachtig moest elk dorp zijn eigen subtropische zwembad. Ditzelfde dreigt nu in de theaterwereld.’
‘We willen dingen anders doen, maar wel met elkaar.’
‘Soms zie je mensen bewonderenswaardig over hun eigen ego en tradities heenstappen.’
‘Nadenken over de functie van wat je doet gaat toch niet ten koste van je autonomie?’
‘Mijn ideale schouwburg is een plein, waar kunst in alle openbaarheid een proces kan zijn.’
‘We lopen op eieren om elkaars prestaties maar zo constructief mogelijk te benaderen.’
‘Als je kunst als een proces ziet dat publiek en maker samen meemaken, wordt het een uniek maatschappelijk fenomeen.’
‘Er moet harder gevochten worden voor iedere bezoeker. Dat is goed voor de creativiteit.’
‘Doen of er binnen Nederland geen verschillen zijn lijkt me onverstandig.’
‘Gebrek aan zelfreflectie houdt vernieuwing tegen.’
‘Kan de iPad ook tijdens de theatervoorstelling dienen als second screen?’
‘Ik heb er nog niet over geschreven of een gezelschap is alweer uit het theater verdwenen.’
‘Er is draagvlak voor kunst, maar dat vraagt om een andere inspanning dan gelikte foldertjes.’
‘Kan een theater van de passanten in de openbare ruimte publiek maken?’
‘Als je meer dan een half uurtje blijft naborrelen wordt de juffrouw van de garderobe onrustig.’
‘Wanneer ik een jonge collega in onze tourbus iets laat horen van Xenakis, vindt hij het waanzinnig.’
‘Dan moeten we naar zo’n instituut, en dat vinden we stom.’
‘Moeten we niet toe naar minder gereis met die decorstukken?’
